De bomen ruisen mij een requiem
De bomen ruisen mij een requiem
De bomen ruisen mij een requiem
De bomen ruisen mij een requiem
16.50

Op werkdagen voor 23.00 uur besteld, volgende dag in huis

Als de dichter Pim Rodenboog in het gedicht Woord schrijft dat het woord 'danst van hoog naar laag', dat het 'metgezel, wapen, troost, minnares en kind' is, dan ervaart men dit zeker in deze bundel. Of Rodenboog nu schrijft over leven en dood, het ouder worden, over de liefde of het verlies daarvan, dan is er steeds iets van positivisme, van troost en weet hebben van wat liefde is en van wat universeel is. Als de dichter zich 'waant in de Picardie met zijn veld vol kruisen', dan zijn wij als lezers daar ook en vallen met de ik-figuur stil. De gedichten zijn puur en ongekunsteld en daardoor toegankelijk. In veel verzen weet de dichter in het kleine het grote te verwoorden. Dat maakt schrijven tot poëzie. Pim Rodenboog (1947) woont sedert 1970 in Friesland en voelt zich sterk verbonden met de Friese cultuur. Sinds 2000 bewoont de dichter in Bears 't Aldahuys, een paar eeuwen oude boerderij, waar kunst- en cultuuractiviteiten worden georganiseerd. Daarnaast is zij als freelancer trouwambtenaar en funerair spreker. In 1980 debuteerde zij met de bundel Samen spitten we wat onwennig. In 2000 verscheen de bundel Meande Wurden (Friestalig) en in 2010 de bundel De muze dûnset op 'e jarrekolk (Fries- en Nederlandstalig). Er werden gedichten van haar gepubliceerd op de poëziekalender van Meulenhoff, de Friese schrijverskalender, in verschillende verzamelbundels en in het literair tijdschrift Hjir. In 1998 won Pim Rodenboog de Rely Jorritsmaprijs met een kort verhaal; een jaar later won zij dezelfde prijs met een gedicht.

0 | 0